Overtredingen in het buitenland : grensoverschrijdende uitwisseling van informatie

1.              De Cross Border Enforcement richtlijn 2015/413/EU ter facilitering van de grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over verkeersveiligheids-gerelateerde verkeersovertredingen

 

- Wat veranderde de richtlijn concreet vanaf 7 november 2013?

Elke EU-lidstaat kan voortaan gemakkelijker burgers van een andere lidstaat die een verkeersovertreding begingen op haar grondgebied opsporen en vervolgen.

De grensoverschrijdende vervolging van verkeersovertreders bestond al in Europa dankzij verschillende internationale verdragen die de politionele en gerechtelijke samenwerking regelden. De Cross Border Enforcement richtlijn bracht echter twee grote nieuwigheden:

  • de geautomatiseerde identificatie van voertuigeigenaars dankzij de technologie van Eucaris, dat de verschillende inschrijvingsregisters met elkaar verbindt;
  • de “informatiebrief” in de taal van de houder van de nummerplaat.

- Zijn alle Europese landen betrokken?

Alle lidstaten van de Europese Unie zijn betrokken door de richtlijn. 

- Voor welke overtredingen geldt de richtlijn?

De richtlijn 2015/413/EU vermeldt acht overtredingen:

  • snelheidsovertredingen;
  • rijden door een rood licht (of een vast oranje licht);
  • rijden onder invloed van alcohol;
  • rijden onder invloed van drugs;
  • geen gordel dragen of geen kinderzitje gebruiken;
  • geen helm dragen;
  • gebruik van een GSM aan het stuur (niet handenvrij);
  • rijden op een verboden rijstrook (bvb. pechstrook, busstrook, enz.)

- Hoe word ik verwittigd van de overtreding die ik in het buitenland beging?

De richtlijn schrijft voor dat een informatiebrief wordt verzonden aan de overtreder, volgens de regels van het nationaal recht van de lidstaat die vervolgt.

(N.B. : de informatiebrief draagt niet noodzakelijk de naam “informatiebrief”. Zo zal Frankrijk “avis de contravention" verzenden, die ook geldig zijn)

- In welke taal wordt de informatiebrief opgesteld?

Volgens de richtlijn moet de informatiebrief worden opgesteld in de taal van de inschrijvingsdocumenten van de overtreder of anders in een officiële taal van de lidstaat.

Afhankelijk van de taal waarin u uw voertuig hebt ingeschreven, zal u de informatiebrief dus ontvangen in het Nederlands, het Frans of het Duits.

- Hoe moet ik betalen voor de overtreding?

De informatiebrief zal vermelden hoe de betaling moet gebeuren. De mogelijke betaalmiddelen (overschrijving, kredietkaart, andere) zullen afhangen van de lidstaat waar u de overtreding beging.

- Hoe kennen andere lidstaten mijn identiteit?

Voor de acht in de richtlijn bedoelde overtredingen, zal elke lidstaat op geautomatiseerde wijze het bestand van de Belgische inschrijvingen (DIV) kunnen raadplegen op basis van uw nummerplaat.

- Wat moet ik doen als ik niet de bestuurder van het voertuig was op het moment van de feiten?

De procedure kan verschillen van lidstaat tot lidstaat. In principe wordt bij de informatiebrief een antwoordformulier gevoegd dat u kan terugsturen met vermelding van de naam van de eigenlijke bestuurder op het moment van de feiten.

- Hoe kan ik de overtreding betwisten?

Ook hier kan de procedure verschillen van lidstaat tot lidstaat. In principe wordt bij de informatiebrief een antwoordformulier gevoegd dat u kan terugsturen met vermelding van de redenen waarom u de overtreding betwist.

Zie ook: www.verkeersboeten.be

 

2.Bilaterale overeenkomsten tot uitwisseling van identificatiegegevens van buitenlandse verkeersovertreders

 

De FOD Mobiliteit en Vervoer (met DIV als Belgisch nationaal contactpunt) heeft akkoorden afgesloten met zijn Franse en Nederlandse tegenhanger inzake de uitwisseling van gegevens van nummerplaathouders die in het buitenland een verkeersinbreuk hebben begaan.

Vermits de richtlijn 2015/413/EU reeds de rechtsgrond vormt voor gegevensuitwisseling tussen Europese lidstaten over de acht voornaamste overtredingen, zijn de bilaterale akkoorden vooral van belang voor alle andere verkeersovertredingen, zoals parkeerovertredingen, het rijden zonder keuring of inschrijving of het niet respecteren van de voorrangsregels. Deze bilaterale akkoorden dragen bij tot een veiliger verkeer op onze wegen en meer effectief betaalde boetes.

 

2.1. Bilateraal akkoord tussen België en Frankrijk

België en Frankrijk zijn belangrijke transitlanden met veel buitenlandse bestuurders. Beide landen waren dan ook grote pleitbezorgers van hogervermelde richtlijn om grensoverschrijdende uitwisseling in Europa mogelijk te maken.

Voordien hadden Frankrijk en België al een bilateraal akkoord gesloten dat in werking trad op 30 juni 2012. Vanaf die datum kunnen gegevens van Franse verkeersovertreders eenvoudig worden opgevraagd bij de Franse autoriteiten. De Franse overtreder wordt dan rechtstreeks aangeschreven door de Belgische autoriteiten met de aanmaning de boete te betalen en dit in de taal van het inschrijvingsdocument van zijn voertuig.

Uiteraard geldt dit principe ook omgekeerd voor Belgische chauffeurs in Frankrijk.

 

2.2. Bilateraal akkoord tussen België en Nederland

Geïnspireerd op het bilateraal akkoord met Frankrijk, hebben Nederland en België een soortgelijk bilateraal akkoord ondertekend op 25 april 2013, dat in werking trad op 1 juni 2016. Net zoals voor Frankrijk, maakt dit verdrag geautomatiseerde grensoverschrijdende gegevensuitwisseling met Nederland mogelijk voor alle mogelijke verkeersovertredingen, zodat Nederlanders niet langer onbestraft overtredingen kunnen begaan in België en vice versa.

Dit garandeert dat Belgen wiens voertuig in het Nederlands, Frans of Duits is ingeschreven, ook vanuit Nederland zullen worden aangeschreven in hun juiste taal. Hetzelfde principe geldt ook omgekeerd voor Nederlandse overtreders die in ons land een overtreding begaan; de Belgische politie of gemeentelijke parkeerbedrijven die een protocol met de DIV hebben afgesloten kunnen de gegevens van de Nederlandse overtreders online en automatisch opvragen en hun rechtstreeks aanmanen tot betaling van de boete. Een Nederlandse overtreder moet in het Nederlands in kennis worden gesteld van hetgeen hem ten laste wordt gelegd; indien de overtreding in het Frans werd vastgesteld, zal de overtreder eveneens een kopie in het Nederlands ontvangen.