Logboeken

Algemeen

De nieuwe deklogboeken voor de vissersvaartuigen onder Belgische Vlag kan u onderaan downloaden.

De logboeken moeten afgedrukt aan boord liggen of beschikbaar zijn op een computer aan boord. De logboeken zijn geldig voor 3 maanden, en moeten dagelijks worden ingevuld en de werkelijkheid weergeven. De persoon die het logboek invult, verklaart hiermee op eer dat de ingevulde informatie correct is. Zodra het logboek volledig is ingevuld voor de 3 maanden, moet het binnen de maand worden doorgestuurd naar logboek.visserij@mobilit.fgov.be. Een kopie mag eventueel ook worden afgegeven op het loket Zeevisserij (Natiënkaai 5,  Oostende 8400). De reder moet het origineel 3 jaar bewaren.


Het oude formaat van het logboek is vanaf 1 januari 2019 niet meer geldig. Vanaf dan worden ook geen papieren logboeken meer verkocht op het kantoor van de FOD Mobiliteit en Vervoer.


Alle invulvelden moeten dagelijks worden ingevuld wanneer ze van toepassing zijn.
Als meerdere havens op 1 dag aangedaan worden, moeten die allemaal vermeld worden.
Eventuele aanpassingen in het logboek mogen enkel op de volgende manier: de foute lijn moet worden doorstreept met 1 enkele lijn. Daarnaast kan dan de correcte vermelding worden gezet. Bijvoorbeeld: wind noordoost noordwest
De wind en de zichtbaarheid moeten enkel worden ingevuld als meer dan 3Bft wordt waargenomen.


Bij opmerkingen moeten volgende zaken worden vermeld als ze zich die dag voordeden:
 

  • alle belangrijke gebeurtenissen of voorvallen zoals:
    • materiële schade
    • alle arbeidsongevallen / persoon overboord
    • aan de ketting / detentie
    • olielek / pollutie/vervuiling
    • aanvaring of stranding
    • brand / explosie
    • structurele schade waardoor het schip onzeewaardig is
    • defect waardoor het schip assistentie nodig heeft
    • security items zoals piraterij, diefstal, bom alarm, verdacht pakket, verstekelingen,…
    • verbruik van geneesmiddelen/verbandkist
  • assistentie verleend aan andere vaartuigen/personen
  • de namen van passagiers als er passagiers meegenomen worden op de zeereis (na toestemming van de Belgische Scheepvaartcontrole)
  • verbouwingen / ombouw type visserij


Als een zeeverslag wordt opgemaakt, moet bij de opmerkingen op de dagpagina worden verwezen naar het zeeverslag.

 

Oefeningen

Bij het onderdeel van de oefeningen moet een kruisje worden gezet wanneer de oefening/controle gedaan is.
Hieronder vindt u de oefeningen/controles die volgens het Koninklijk Besluit van 13 juli 1998 [1] op de aangegeven tijdstippen moeten gebeuren:
 

Voor iedere afvaart

  • De aanwezigheid van blusapparaten en andere draagbare brandbestrijdingsmiddelen moet vóór iedere afvaart worden gecontroleerd:
    • De brandbestrijdingsuitrusting moet zich altijd op de daartoe bestemde plaats bevinden, in bedrijfsklare staat worden gehouden en voor onmiddellijk gebruik beschikbaar zijn.
    • De bemanningsleden moeten vertrouwd zijn met de plaats van de brandbestrijdingsuitrusting, en met de manier waarop die werkt en moet worden gebruikt.
  • Alle reddingsmiddelen moeten voor vertrek uit de haven en tijdens de reis gecontroleerd worden:  of ze op de daarvoor bestemde plaats worden bewaard, in goede staat worden gehouden en onmiddellijk beschikbaar zijn.

Wekelijks

  • Alle navigatiehulpmiddelen, inclusief de elektronische navigatiehulpmiddelen, moeten wekelijks worden getest, bijgewerkt  en goed onderhouden zoals: AIS, berichten aan zeevarenden, kaarten (papieren en elektronische), dieptemeter/ echosounder, navigatielichten/ vislichten, gyrokompas, radioapparatuur, stuurinrichting, verrekijker en eventueel andere navigatiehulpmiddelen.

Maandelijks

  • Branddetectie- en brandalarmsystemen moeten maandelijks worden getest en in goede staat worden gehouden.
  • Elke maand moet in de haven en/of op zee een appel van de bemanningsleden worden gehouden voor een reddingsoefening:
    • Die oefeningen moeten ervoor zorgen dat de bemanningsleden volledig op de hoogte zijn van en geoefend zijn in de behandeling en het gebruik van alle reddingsmiddelen.
    • Als er draagbare radioapparatuur aan boord is, moeten de bemanningsleden worden geoefend in het opstellen en bedienen van die apparatuur

3-maandelijks

  • Om de 3 maanden moet een brandbestrijdingsoefening worden gehouden.
  • De noodverlichting moet in bedrijfsklare staat worden gehouden en om de 3 maanden worden getest
  • Testen van het magnetisch kompas

Nieuw bemanningslid

Iemand die in de laatste 6 maand niet heeft meegevaren op dat specifieke vissersvaartuig, wordt beschouwd als een nieuw bemanningslid.

Als een nieuw bemanningslid aan boord komt, moet hij een instructie/ opleiding krijgen, zodat:

  • hij voldoende opgeleid is en de nodige instructies gekregen heeft met het oog op eventuele noodgevallen
  • hij volledig op de hoogte is van het gebruik van alle reddingsmiddelen
  • hij vertrouwd is met de plaats van de brandbestrijdingsuitrusting en met de manier waarop die werkt en moet worden gebruikt.

 

 

Incident

Bij een incident (zie onderstaande niet-limitatieve lijst met voorbeelden) moet de permanentie van de scheepvaartcontrole  zo snel mogelijk worden verwittigd op het nummer 0473/700.353. Daarna moet zo snel mogelijk een zeeverslag met een kopie van het logboek naar het e-mailadres logboek.visserij@mobilit.fgov.be worden gestuurd (uiterlijk binnen de 3 dagen na aankomst in de haven).
 

  • ernstige arbeidsongevallen (als iemand van boord moet worden gehaald na het ongeval (al dan niet door een helikopter of door zelf binnen te varen))  tijdens operaties aan het schip / persoon overboord
  • voor andere medische gevallen als niet meer voldaan is aan de minimumbemanning
  • aan de ketting / detentie
  • olielek / pollutie/ vervuiling
  • aanvaring of stranding
  • brand / explosie
  • structurele schade waardoor het schip onzeewaardig is
  • defect waardoor het schip assistentie nodig heeft
  • security items zoals piraterij, diefstal, bomalarm, verdacht pakket, verstekelingen,…


Er moet ook een zeeverslag worden opgemaakt voor elke materiële schade en alle arbeidsongevallen. Enkel voor bovenstaande gevallen moet de permanentie worden opgebeld.


In het zeeverslag moet zeker zijn vermeld:

  • naam van het schip
  • datum en tijdstip van het incident
  • plaats van het incident
  • type van incident
  • beschrijving van het incident
  • genomen acties
  • contactgegevens
  • andere relevante informatie

 

 

[1]  Koninklijk besluit houdende de minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid bij het werk aan boord van vissersvaartuigen en wijziging van het koninklijk besluit van 20 juli 1973 houdende zeevaartinspectiereglement