Veilig op het water

Omstandigheden van weer en golven

Vaartuigen kleiner dan 6m moeten binnen de 2 zeemijl van de kust blijven als de (significante) golfhoogte 1m of meer bedraagt. Er is niet langer een beperking opgelegd qua windsterkte (de zogenaamde 3/4 Beaufort regel is afgeschaft).
 
De pleziervaarder kan zich informeren over de heersende en verwachte golfhoogtes voor de Belgische kust via https://meetnetvlaamsebanken.be/).
 
 

Dragen van de reddingsvest

Op zee is het dragen van een reddingsvest verplicht aan boord van een pleziervaartuig, onder volgende omstandigheden:
  • als de (significante) golfhoogte 1m of meer bedraagt of;
  • tussen zonsondergang en zonsopgang of;
  • tussen 16 oktober en 15 mei.
Verder geldt de verplichting steeds:
  • voor alle opvarenden tot 12 jaar of;
  • wanneer het pleziervaartuig 6,5m of korter is. 
In de kajuit geldt deze verplichting niet.
 
De verplichting geldt niet voor pleziervaartuigen
  • groter dan 24m of;
  • met een vaste reling van 1,10m hoog.
Voor pleziervaartuigen tot 6,5m binnen de 2 zeemijl mag de reddingsvest vervangen worden door een zwemvest.
 
De pleziervaarder kan zich informeren over de heersende en verwachte golfhoogtes voor de Belgische kust via https://meetnetvlaamsebanken.be/
 
 
 

Plichten van de schipper

Aan boord van een pleziervaartuig moet een steeds een schipper aangewezen zijn. Hij is verantwoordelijk voor het besturen van het pleziervaartuig, voor het naleven van de reglementen en voor de veiligheid van alle opvarenden. 
 
De schipper moet ervoor zorgen dat alle opvarenden voldoende vertrouwd zijn met de plaats en de werking van de reddings- en brandblusmiddelen.