100 jaar ten dienste van de burgerluchtvaart – Operaties

Momenteel behoort het niet meer tot de taken van ons DG  Luchtvaart, maar toen de burgerluchtvaart nog zijn kinderschoenen stond, was onze organisatie ook erg betrokken bij het ontwikkelen van een netwerk en vluchtroutes. Hier een woordje uitleg over de Belgische operaties in de burgerluchtvaart.  

 

Dienstverlening in België: SNETA & SABENA 

Toen na de Eerste Wereldoorlog de rust terugkeerde in Europa, werd op 31 maart 1919 SNETA opgericht, het Syndicat National d’Etude des Transports Aériens. Deze organisatie had als missie de mogelijkheden van de commerciële luchtvaart in België te onderzoeken. Het gevolg was dat veel toestellen die gebruikt werden tijdens de oorlog, nu werden ingezet voor vluchten vanaf de luchthaven van Haren naar Londen, Parijs en Amsterdam.  

 

Na een studiefase, werd op 23 mei 1923 SABENA opgericht. Deze nieuwe nationale maatschappij begon haar operaties met een eerste vlucht naar Londen op 2 juli 1923.  De eerste jaren begon SABENA zeer bescheiden in Europa, maar midden jaren ’30 veranderde dit en begon het Europese netwerk vorm te krijgen. 

 

 

Dienstverlening in Congo: CENAC & LARA 

Gelijktijdig met het opstarten van de luchtvaartactiviteiten in België, gebeurde hetzelfde in Belgisch Congo. Koning Albert I was altijd zeer geïnteresseerd in de laatste technologische ontwikkelingen en de opkomende luchtvaart leek hem ideaal om de logistieke problemen te overwinnen in het uitgestrekte Belgisch Congo.   

 

Na de oorlog, waarbij ervaring werd opgedaan met het opereren van militaire watervliegtuigen vanop het Tanganyikameer, werd op 26 juni 1919 CENAC gecreëerd, het “Comité d’Etudes pour la Navigation Aérienne au Congo”. In de jaren die volgen, wordt onder zware omstandigheden en onder leiding van onder andere Emile Allard, Technisch Directeur van de toenmalig Luchtvaartadministratie, een indrukwekkend netwerk van 1750 km uitgebouwd langs de Congorivier, van Léopoldville (nu Kinshasa) tot Stanleyville (nu Kisangani). Dit bracht de reistijd terug van 18 dagen naar slechts 3 dagen, waarvan 15 vluchturen.  

 

De LARA, “Ligne Aérienne Roi Albert”, was één van de eerste reguliere luchtvaartmaatschappijen, en zelfs de eerste koloniale luchtvaartmaatschappij ter wereld. Door de vele problemen en torenhoge kosten werd LARA in juni 1922 echter opgedoekt. Vanaf 1925 werd een nieuw netwerk uitgebouwd onder de vleugels van SABENA en in 1928 sterkte die netwerk zich uit over maar liefst 3845 km.   

 

 

De directie Operaties: Toen    

Het Tweede Bureel (Uitbating der Luchtlijnen) van de toenmalige Administratie der Luchtwegen stond in voor de ontwikkeling van nationale en internationale routes, stimuleringsmaatregelen voor vervoersmaatschappijen, luchtwaardigheidscertificaten en vergunningen, bevoegdheidscertificaten en vergunningen voor piloten, luchtpolitie, douane, post en koloniale zaken. 

 

Een van de hoofdtaken was het ontwikkelen van routes. Voor de opstart van internationale routes is de voorafgaande toestemming van de overvlogen landen vereist. Dit principe, dat al sinds het Verdrag van Parijs bestaat, is opgenomen in het Verdrag van Chicago van 7 december 1944. De onderhandelingen over en de sluiting van bilaterale overeenkomsten tussen de betrokken staten vallen onder de verantwoordelijkheid van de administratie, in samenwerking met het ministerie van Buitenlandse Zaken.  

 

De eerste overeenkomsten werden gesloten met Duitsland op 29 mei 1926 en met Frankrijk op 23 mei 1930. In de onmiddellijke naoorlogse periode, op 6 april 1946, werd een derde bilaterale overeenkomst gesloten met de Verenigde Staten, waardoor Sabena in juni 1947 de reguliere lijn Brussel-New York kon inhuldigen. Sindsdien zijn er meer dan honderd overeenkomsten gesloten door de administratie en worden deze nog steeds beheerd door het DGLV. Gezien het voormalige SABENA netwerk heeft België zeer interessante akkoorden met tal van Afrikaanse landen, waar de huidige maatschappijen nog steeds de vruchten van plukken. Op Europees vlak speelt dit minder sinds de liberalisering van het Europese luchtruim in ’97. Hierdoor bestaat de nood niet meer voor individuele akkoorden met de Europese landen. 

 

 

Naast het ontwikkelen van routes, heeft de dienst Operaties doorheen de jaren ook toezicht gehouden op de operaties van de Belgische luchtvaartmaatschappijen. Na de Chicago Conventie in 1944 waar de basis gelegd werd voor de International Civil Aviation Organisation (ICAO), kwam er steeds meer toezicht op de naleving van de regels op operationeel vlak. Vanaf 1987 werden deze regels en het toezicht gestandaardiseerd op Europees vlak door middel van de Joint Aviation Authorities, en vanaf 2012 werden er een Europese reglementering gepubliceerd die de nationale wetgeving vervangen heeft.  

 

De Directie Operaties: Nu 

De huidige Directie Operaties keurt de operationele procedures van de Belgische luchtvaartmaatschappijen goed en houdt hier continu toezicht op door middel van audits en inspecties. Doorheen de jaren zijn er veel luchtvaartmaatschappijen bijgekomen en weer verdwenen in België. De huidige Air Operator Certificate (AOC)-houders die personenvervoer uitvoeren zijn Air Antwerp, Air Belgium, Brussel Airlines en TUI Airlines Belgium. De Belgische vrachtmaatschappijen zijn ASL Airlines Belgium en Challenge Airlines. 

 

Er zijn ook andere operatoren actief in België, bijvoorbeeld operatoren van zakenjets, zoals Flying Group, Abelag (Luxaviation) en Air Service Liège.  

 

In de helikopterwereld zijn er Noordzee Helikopters Vlaanderen, Heli Service Belgium en Heli&Co, die over een AOC beschikken en personentransport mogen uitvoeren.  

 

Voor deze operatoren wordt er niet enkel een operationele toelating gegeven via de AOC, maar ook een financiële, namelijk de exploitatievergunning. Hiervoor wordt de financiële structuur nagekeken om na te gaan of de maatschappijen in Europese handen blijven en of er voldoende financiële middelen beschikbaar zijn.  

 

Op operationeel vlak wordt er verder nog toezicht gehouden op een brede waaier activiteiten die gekend staan als luchtarbeid of Special Operations. Dit gaat over Paradropping, Cargo sling, sproeien, filmen, banner towing, ballonvaarten, zweefvliegactiviteiten, slepen van zwevers, luchtdopen enzovoort.