100 jaar ten dienste van de burgerluchtvaart – Luchtruim, drones & security

In de reeks rond 100 jaar ten dienste van de burgerluchtvaart hebben we veel taken van onze organisatie besproken: het beheer van het civiele luchtvaartregister, het toezicht in het domein van de operaties, de luchtwaardigheid, de vliegvelden, de pilootvergunningen, de productie van vliegtuigen, enzovoort.  

 

De luchtvaart is echter een sector die constant in verandering is: de evolutie was enorm groot en de luchtvaartautoriteit is daarom ook steeds mee geëvolueerd. Naast de grote technologische vooruitgang, zijn er gedurende die 100 jaar bepaalde taken verdwenen, maar ook nieuwe bijgekomen.  

 

1. Luchtruim  

Het beheer van het luchtverkeer (ATM) was al snel één van de basistaken. De navigatie, maar ook de communicatie gebeurde in die begindagen volgens visuele methodes, maar al snel volgden nieuwe methodes om ook ’s nachts of bij slecht weer te kunnen vliegen. De luchtvaartautoriteit creëerde reeds in de jaren ‘20 routes waarlangs op regelmatige afstanden lichtbakens opgesteld werden.  

 

Vanaf 20 november 1946 heeft het ministerie van verkeer twee diensten die zich bezighouden met burgerluchtvaart: het Bestuur der Luchtvaart dat toezicht houdt op de luchtwaardigheid van de vliegtuigen, het afleveren van vergunningen voor piloten en het bepalen van de luchtvaartwetgeving; en de Regie der Luchtwegen, een instelling van openbaar nut met een rechtspersoonlijkheid. 

 

Wat misschien minder gekend is, is dat op 13 september 1960 de intergouvernementele organisatie Eurocontrol werd opgericht. Dit agentschap controleerde het hogere luchtruim van België, Nederland, Luxemburg en het toenmalige West-Duitsland vanuit een gemeenschappelijk luchtverkeersleidingcentrum in Maastricht (MUAC – Maastricht Upper Area Control Center). De certificatie en het toezicht op MUAC gebeurde in samenwerking tussen de National Supervisory Authorities van de vier landen.  

 

Op 2 oktober 1998 splitst de Regie der Luchtwegen zich op in twee aparte afdelingen. De ene afdeling is Brussels International Airport Company (BIAC) die focust op de uitbating en het beheer van de infrastructuur van de luchthaven Brussel Nationaal; later, in 2004, werd die tak verder geprivatiseerd en omgedoopt tot Brussels Airport Company. De andere afdeling is Belgocontrol, het officiële autonome overheidsbedrijf met de opdracht de veiligheid van het vliegverkeer in het Belgische luchtruim te verzekeren. Door de creatie van Belgocontrol kwam er een effectieve scheiding tussen de regulator en de dienstverlener (service provider). De taken van de luchtvaartautoriteit werden verduidelijkt en het Bestuur der Luchtvaart schreef de reglementering en hield toezien op de correcte toepassing ervan.  

 

Op 7 november 2018 veranderde Belgocontrol van naam en werd het Skeyes. (Voor een veel gedetailleerdere historiek over het beheer van het luchtverkeer in het Belgische luchtruim verwijzen we graag naar het boek “Overview” van Skeyes.)  

 

 

2. Drones  

Naast taken die verdwijnen of veranderen zijn er natuurlijk ook heel wat nieuwe taken die toegevoegd werden in de loop der jaren. Zo is er de huidige evolutie rond de onbemande luchtvaart bijvoorbeeld. Drones zijn een relatief nieuw fenomeen, zeker de recente ontwikkelingen in de Urban Air Mobility (UAM) en het massaal toepassen van drones voor professionele doeleinden zoals inspecties, toezicht, opmetingen, enzovoort.  

 

Op 10 april 2016 werd de eerste dronewetgeving in België gepubliceerd. Dit was tegelijk ook de eerste risico-gebaseerde luchtvaartwetgeving in België, waarbij het risiconiveau van de vluchten mee de voorwaarden ging bepalen waaraan piloten en toestellen moeten voldoen. Vanaf die datum werden de verschillende diensten binnen het DGLV ook verantwoordelijk voor de behandeling van de onbemande luchtvaart in hun respectievelijke domeinen. Gelet op de specificiteit van het drone gebeuren, maar ook door het  ongekend hoge aantal te behandelen aanvragen, werd al snel duidelijk dat de creatie van een aparte drone-cel, die zich fulltime zou bezig houden met alle drone aanvragen, de dienstverlening ten goede zou komen. Deze cel kwam er begin 2018. Vanaf dan werden alle competenties en processen betreffende onbemande luchtvaart verzameld, wat een première was in de organisatiestructuur van het DGLV.  

 

 

Daar bleef het echter niet bij. Het DGLV beseft het enorme potentieel van de onbemande luchtvaart en wil meewerken aan een veilige en gestructureerde ontplooiing. Daarom werd vanaf het begin meegewerkt aan initiatieven die deze sector ten goede komen. Zo werd in samenwerking met Skeyes het interactieve platform Droneguide.be gelanceerd. Dit platform biedt de drone piloten een overzicht van waar er gevlogen mag worden, zodat er bijvoorbeeld geen conflict ontstaat met de bemande luchtvaart. In 2019 werd dit platform uitgebreid zodat de professionele gebruikers hun vluchten konden melden en ook aanvragen voor afwijkingen (nl. toegang tot beperkte zones) via dit platform kunnen doen.  

 

Ook op strategisch vlak werd er samengewerkt met de sector. Zo werd in 2019 samen met alle partners uit de industrie, federaties, overheden, enz. … de Belgian Civil Drone Council opgericht om alle belanghebbenden in de drone sector te verenigen. Via verschillende werkgroepen wordt er in deze Council nagedacht en samengewerkt om de toekomst van de drone-industrie vorm te geven op technologisch, operationeel en regelgevend vlak.  

 

De volgende grote stap in de dronesector komt er op 31 december 2020. Dan wordt de nieuwe Europese wetgeving van toepassing. De huidige Belgische droneregelgeving zal dan grotendeels vervangen worden door een verordening die in heel Europa van toepassing is. Het DGLV zal verantwoordelijk zijn voor de correcte toepassing van deze nieuwe regels en het toezicht erop.  

 

3. Security 

Een andere evolutie die zich heeft voorgedaan in de voorbije decennia is de nood aan toezicht op de beveiliging in de luchtvaart. Dit spitste zich tot nu vooral toe op de beveiliging van de luchthavens, het screenen van personeel met toegang tot de airside, het toezicht op bedrijven die cargo verschepen, het nakijken, goedkeuren en toezien op beveiligingsprocedures van luchtvaartmaatschappijen enzovoort.  

 

 

Maar ook hier is de wereld in volle verandering en moet het DGLV zijn taken constant aanpassen. Zo is er sinds kort een nieuw domein dat de nodige aandacht zal moeten krijgen, namelijk de cybersecurity. Een nieuwe Europese reglementering hieromtrent werd in 2020 gepubliceerd. Ook hier zal het DGLV moeten evolueren en expertise opbouwen zodat het zijn Europese verplichtingen kan nakomen en het bij zijn stakeholders kan toezien op de beveiliging in dit domein. 

 

Het is duidelijk dat de toekomst nog veel uitdagingen in het verschiet heeft voor het DGLV. Of het nu gaat om de éénmaking van het luchtruim, elektrisch vliegen, Urban Air Mobility of enige andere evolutie binnen de luchtvaart, het DGLV zal er steeds op toezien dat deze zo veilig en efficiënt mogelijk kan gebeuren.