Beheer luchtwaardigheid

Beheer van het permanente luchtwaardigheid

 

Een organisatie die instaat voor het beheer van de permanente luchtwaardigheid van een toestel neemt de verantwoordelijkheid op zich om onder andere:

  • een onderhoudsprogramma op te stellen;
     
  • te zorgen dat het onderhoudswerk op het juiste moment correct wordt uitgevoerd;
     
  • de goedkeuring van modificaties en reparaties te beheren;
     
  • te zorgen dat alle toepasselijke luchtwaardigheidsrichtlijnen (AD’s) worden toegepast;
     
  • alle defecten die tijdens de operatie of het gepland onderhoud ontdekt of gerapporteerd worden, op te volgen;
     
  • de gegevens i.v.m. de permanente luchtwaardigheid en/of het technische logboek te beheren en te archiveren;
     
  • er voor te zorgen dat het massa- en zwaartepuntrapport (Mass and Balance) de actuele status van het luchtvaartuig weergeeft.

 

Erkenning

Om als organisatie deze werkzaamheden te mogen verrichten, dient ze hiervoor goedgekeurd te zijn door de autoriteit van het land van de hoofdvestigingsplaats, of door EASA als de hoofdvestigingsplaats buiten de EU ligt.

De hoofdvestigingsplaats is het hoofdkantoor of de maatschappelijke zetel van de onderneming waar de belangrijkste financiële taken en de operationele controle van de activiteiten, worden uitgevoerd.

Als bewijs van goedkeuring wordt door die autoriteit een erkenning afgegeven onder de vorm van een Part-CAMO of Part-CAO certificaat (EASA Form 14 / EASA Form 3).

Het type erkenning is afhankelijk van het toepassingsgebied dat de organisatie voorziet.
 

Toepassingsgebied

De Part-CAMO erkenning is verplicht voor het beheer van luchtvaartuigen gebruikt in ‘commercieel luchttransport’ of voor luchtvaartuigen die in de categorie “complexe luchtvaartuigen” vallen (definitie in Reg EC No 216/2008).

De erkenning kan ook als alternatief gebruikt worden voor Part-CAO door bijvoorbeeld grotere organisaties die toch enkel niet-complexe toestellen willen beheren.

Part-CAO is een regelgeving op maat van kleinere organisaties en enkel voor het beheer van luchtvaartuigen die niet binnen de groep van complexe luchtvaartuigen vallen, en niet gebruikt worden voor commercieel passagierstransport of vrachtvervoer (Exploitatievergunning houders, in overeenstemming met regelgeving 1008/2008).

Het gaat dan voornamelijk over toestellen die in de recreatieve sportvliegerij (vliegtuigen, zwevers en ballonnen), voor scholing , luchtfotografie, … gebruikt worden.

Het toepassingsgebied van een Part-CAO erkenning kan de combinatie van het onderhoud en het beheer van luchtwaardigheid omvatten (zie Onderhoudsorganisatie ).

 

Reglementaire basis

De eisen waaraan een organisatie die instaat voor het beheer van luchtwaardigheid moet voldoen, zijn beschreven in Europese regelgeving (EU) 1321/2014, en meer precies in Annex Vc (PART-CAMO) en Annex Vd (Part-CAO) bij deze verordening.

Deze regelgeving kan men terugvinden via de EASA website.

 

Aanvraag voor een erkenning voor het beheer van luchtwaardigheid

Een aanvraag tot een EASA Part-CAMO of Part-CAO erkenning gebeurt door het DGLV een ingevulde EASA Form 2 te bezorgen (zie rubriek “Formulieren” ondereen deze pagina) via het email adres BCAA-CAMO@mobilit.fgov.be.

Hierna zal het DGLV u uitnodigen voor een gesprek in onze kantoren om kennis te maken met het project (type toestellen en de voorzien operaties hiervan) en de voornaamste betrokken personen.
 

Tijdens dit gesprek zullen afspraken gemaakt worden rond een informatief bezoek aan de organisatie indien dit relevant is. Op basis van dit bezoek en het voorgaande gesprek zal het DGLV beslissen over de ontvankelijkheid van de aanvraag.

In een volgende fase dient de organisatie volgende documenten te bezorgen:

  1. een procedure handboek CAME / CAE (in leesbaar pdf formaat), in overeenstemming met de eisen van EASA Part-CAMO / Part-CAO.

    Indien CAMO items worden behandeld in een Safety Management Manual en /of een Compliance Monitoring Manual, dan moet ook deze aan het DGLV bezorgd worden.
     
  2. Een onderhoudsprogramma voor een relevant type toestel (indien van toepassing, bv. niet indien enkel Part-ML toestellen worden beheerd, of in geval er nog geen klant is)
     
  3. Een voorbeeld van het “Technical log system” (CAMO.A.115, M.A.305, M.A.306)
     
  4. De technische specificaties van de onderhoudscontracten tussen de organisatie en een behoorlijk goedgekeurde PART-145 of Part-CAO onderhoudsorganisatie (indien van toepassing, zie M.A.201(f), (g) , CAMO.A.315 (c) en AMC1 CAO.A.075  ).
     
  5. Indien de organisatie taken gelinkt aan het beheer van de luchtwaardigheid zou uitbesteden (sub-contracting), moet een kopie van het contract met de sub-contractor bezorgd worden.
     
  6. Het resultaat van de pre-audit uitgevoerd door de organisatie zelf om de implementatie van Part-CAO of  Part-CAMO en Part-ML of Part-M te verifiëren.

Voor Part-CAO geeft de “AMC1 CAO.A.025” de te volgen structuur voor het handboek (CAE), voor Part-CAMO is dit terug te vinden in “AMC1 CAMO.A.300”.

Deze handleiding wordt binnen de 3 maanden door het DGLV geëvalueerd, en in samenwerking met de organisatie bijgesteld waar nodig.

Voor de personen die in de CAME/CAE aangeduid staan als verantwoordelijke managers, zal ook een EASA Form-4 ter goedkeuring worden ingediend.

Van zodra het procedurehandboek aanvaardbaar is zullen er audits plaatsvinden om de inhoud van de procedures te verifiëren.

Het aantal auditdagen hangt af van de gevraagde scope, de complexiteit van de organisatie en het eventuele gebruik van onderaannemers.

Na elke audit zal de organisatie een auditrapport ontvangen met bevindingen die moeten gecorrigeerd worden.

Van zodra de bevinding zijn opgelost, zal er indien nodig nog een bezoek plaatsvinden om de laatste details af te ronden.

Hierna zal het erkenningscertificaat aan de organisatie bezorgd worden, en zal er overgegaan worden op het permanente toezicht op de organisatie door het DGLV.

 

Privileges

Een organisatie die een Part-CAMO of PART-CAO erkenning heeft kan bijkomend goedgekeurd worden om Airworthiness Reviews uit te voeren en op grond van de resultaten Airworthiness Review Certificates (ARC’s) af te leveren en aan te bevelen.
 

Mits een specifieke goedkeuring mogen ook Permits to Fly (PtoF) uitgeven worden,

Er is geen verplichting voor een organisatie om de ARC bevoegdheid te bekomen. Deze taken kunnen gecontracteerd worden aan een andere behoorlijk goedgekeurde organisatie.

 

Behouden van de erkenning

De Part-CAMO en Part-CAO erkenningen worden uitgegeven voor een onbepaalde geldigheidsduur.

Om de goede naleving van de Europese reglementering na te gaan, zal het DGLV de organisatie die de luchtwaardigheid beheerd op regelmatige basis auditeren.

De hoeveelheid audits hangt opnieuw af van de complexiteit en activiteit van de organisatie.

Indien tijdens deze audits geen grote problemen vastgesteld worden, dan blijft de erkenning geldig. Is dit wel het geval, dan kan een beperking, een tijdelijke opschorting of een definitieve intrekking van de erkenning volgen.

Na elke audit zal een rapport worden opgesteld dat aan de organisatie wordt bezorgd.

 

Wijzigingen aan een erkenning

Wijzigingen aan de erkenning dienen gecommuniceerd te worden door de EASA Form-2 op te sturen naar BCAA-CAMO@mobilit.fgov.be

 

Een Part-CAMO organisatie dient voor elke wijzigingen die een voorafgaande goedkeuring nodig heeft (zie CAMO.A.130) ook een risico analyse aan het DGLV te bezorgen.

Part-CAO organisaties moeten in de procedurehandboek CAE een door het DGLV goedgekeurde procedure voorzien voor indirecte goedkeuring. Een leidraad voor het opstellen van zulke procedures is  hier (PDF, 142.69 KB) terug te vinden.

 

Contact:

Voor verdere vragen, gelieve ons te contacteren via mail op BCAA-CAMO@mobilit.fgov.be. Wij zullen u hierna zo snel mogelijk contacteren.