Niet-commerciële vluchtuitvoeringen met complexe motoraangedreven luchtvaartuigen (NCC)

Vanaf 25 augustus 2016 is in België de Europese regelgeving voor niet-commerciële vluchtuitvoeringen van kracht. Deze regelgeving is opgenomen in de volgende delen van de Verordening (EU) nr. 965/2012 voor vluchtuitvoering:

  • Bijlage I: Definities voor termen gebruikt in Bijlagen II tot VIII (Deel-Definities): enkele nieuwe definities;
  • Bijlage III: Organisatievereisten voor vluchtuitvoering (Deel-ORO): Subdelen GEN, DEC, MLR, SEC, FC en CC;
  • Bijlage V: Specifieke erkenningen (Deel-SPA): Subdelen A (GEN), B (PBN), C (MNPS), D (RVSM), E (LVO) en G (DG);
  • Bijlage VI: Niet-commerciële vluchtuitvoeringen met complexe motoraangedreven luchtvaartuigen (Deel-NCC).

Bijlage VII - Niet-commerciële vluchtuitvoeringen met andere dan complexe motoraangedreven luchtvaartuigen (Deel-NCO) - is ook van kracht vanaf 25 augustus 2016 en wordt beschreven op een andere pagina.

Bijlage IV van Verordening (EU) 216/2008 Essentiële eisen voor vluchtuitvoeringen bedoeld in artikel 8, §8) is ook van toepassing voor NCC.

De regelgeving kan worden teruggevonden op de EASA-website.

 

Voor wie zijn deze regels van toepassing?

  • Operators van complexe motoraangedreven luchtvaartuigen ingeschreven in België en hun hoofdvestiging hebbend of verblijvend in België, en
  • operators van complexe motoraangedreven luchtvaartuigen ingeschreven in een EASA-land maar hun hoofdvestiging hebbend of verblijvend in België, en
  • operators van complexe motoraangedreven luchtvaartuigen ingeschreven in een land buiten EASA maar hun hoofdvestiging hebbend of verblijvend in België.

Een EASA-land is een land waar de Verordeningen van de Europese Commissie voor vluchtuitvoering van toepassing zijn.

 

 

Definities

Exploitant (operator):

een rechtspersoon of natuurlijk persoon die één of meer luchtvaartuigen exploiteert of voornemens is te exploiteren.

 

Niet-commerciële vluchtuitvoering:
  • Een vluchtuitvoering die geen commerciële vluchtuitvoering is.
  • Een commerciële vluchtuitvoering is elke vluchtuitvoering met een luchtvaartuig, tegen vergoeding of andere beloning, die voor het publiek beschikbaar is of, wanneer deze niet voor het publiek beschikbaar is, die wordt verricht krachtens een overeenkomst tussen een exploitant en een klant, waarbij de klant geen controle over de exploitant uitoefent.

 

Complex motoraangedreven luchtvaartuig:
  • een vleugelvliegtuig:
    • met een maximale gecertificeerde startmassa van meer dan 5.700 kg, of
    • gecertificeerd voor een maximale configuratie voor passagierszitplaatsen van meer dan 19 personen, of
    • gecertificeerd voor vluchtuitvoering met een minimale bemanning van ten minste 2 piloten, of
    • itgerust met één of meer turbinestraalmotor(en) of met meer dan één schroefturbinemotor, of
  • een helikopter gecertificeerd voor:
    • een maximale startmassa van meer dan 3.175 kg, of
    • een maximale configuratie voor passagierszitplaatsen van meer dan 9 personen, of
    • een vluchtuitvoering met een minimumbemanning van ten minste 2 piloten, of
  • een luchtvaartuig met kantelrotor(en).
De Europese Commissie heeft ingestemd met een derogatie dat niet-commerciële vluchtuitvoeringen toestaat met vleugelvliegtuigen uitgerust met twee schroefturbinemotoren en een maximale gecertificeerde startmassa van 5.700 kg of minder, uit te voeren onder Deel-NCO (Niet-commerciële vluchtuitvoeringen met andere dan complexe motoraangedreven luchtvaartuigen) regelgevingen in plaats van Deel-NCC. Dit betekent dat operators van dit type luchtvaartuig niet moeten voldoen aan Deel-ORO (Organisatievereisten voor vluchtuitvoering).

 

Wat wordt van NCC-operators vereist?

NCC-operators moeten aan dezelfde essentiële organisatievereisten voldoen als commerciële operators, maar deze eisen zijn proportioneel aangepast aan de omvang van niet-commerciële vluchtuitvoering. Zo kunnen NCC-operators volstaan met het indienen van een Verklaring (Declaration, zie ORO.DEC.100) en is een aanvraag voor een AOC (Air Operator Certificate) niet vereist.

NCC-operators moeten zich vertrouwd maken met de Basisverordening (EG) nr. 216/2008 en Verordening (EU) nr. 965/2012 voor vluchtuitvoering van EASA, meer in het bijzonder de regelgeving van Bijlage III (Deel-ORO) en Bijlage VI (Deel-NCC). Zij moeten vanaf 25 augustus 2016 beschikken over een vluchthandboek (operations manual) en hun vluchten conform dit handboek uitvoeren, en een door DGLV-OPS goedgekeurde minimumuitrustingslijst (Minimum Equipment List (MEL)). Zij moeten ook (een) verantwoordelijke manager(s) aanduiden en een intern managementsysteem hebben volgens ORO.GEN.200.

Als NCC-operators vluchten willen uitvoeren waarvoor specifieke erkenningen nodig zijn moeten zij ook voldoen aan Bijlage V (Deel-SPA).

Alle NCC-operators moeten de nieuwe implementatieregels toepassen op 25 augustus 2016 en dienen hun voorbereiding voldoende op voorhand te plannen met deze datum in het achterhoofd.

 

Specifieke erkenningen (Specific Approvals)

NCC-operators die vluchten wensen uit te voeren waarvoor specifieke erkenningen (Deel-SPA) nodig zijn moeten deze eerst bekomen van DGLV-OPS vooraleer zij hun Verklaring kunnen indienen. Specifieke erkenningen kunnen enkel bekomen worden van DGLV-OPS na het indienen van een ingevuld en ondertekend aanvraagformulier (Application Form, enkel in het Engels) voor de betreffende specifieke erkenning, samen met alle vereiste documenten, en dit voor elk luchtvaartuig dat een specifieke erkenning nodig heeft.

Volgende specifieke erkenningen kunnen bekomen worden:

  • RVSM: voor vluchtuitvoeringen in een deel van het luchtruim met verminderde verticale separatieminima (Operations in Airspace with Reduced Vertical Separation Minima);
  • MNPS: voor vluchtuitvoeringen met minimumprestatiespecificaties op het gebied van navigatie (Operations with Specified Minimum Navigation Performance);
  • PBN: voor vluchtuitvoeringen met prestatiegebaseerde navigatie (Performance-based Navigation Operations);
  • LVO: voor slechtzichtvluchten (Low Visibility Operations);
  • DG: voor het vervoer van gevaarlijke goederen (Transport of Dangerous Goods).

Na ontvangst van het ingevulde en ondertekende toepasselijke aanvraagformulier en de in het toepasselijke Subdeel van Bijlage V (Deel-SPA) vereiste documenten zal DGLV-OPS de gevraagde specifieke erkenningen verlenen door middel van een Lijst van Specifieke Erkenningen (List of Specific Approvals), die dan naderhand bij de Verklaring dient gevoegd te worden.

 

Verklaring (Declaration)

Met een Verklaring (Declaration, zie ORO.DEC.100) geeft de NCC-operator aan dat voldaan wordt aan de eisen van Bijlage III (Deel-ORO) en Bijlage VI (Deel-NCC), en als zij vluchten uitvoeren waarvoor specifieke erkenningen nodig zijn ook aan Bijlage V (Deel-SPA). Deze Verklaring moet ingediend worden vóór 25 augustus 2016. Na het indienen van de Verklaring zal de NCC-operator opgenomen worden in het toezichtsprogramma van DGLV-OPS volgens Bijlage II (Deel-ARO).

 

AOC-houders

AOC-houders regelen hun niet-commerciële vluchtuitvoeringen in de AOC (zie ORO.AOC.125) en hoeven geen aparte NCC-Verklaringen in te dienen voor de luchtvaartuigen die in de AOC worden opgenomen. De mogelijke verschillen in operationele procedures (indien deze er zijn) moeten in het van te voren goedgekeurde vluchthandboek vastgelegd zijn.

 

Frequente vragen en antwoorden (FAQ)

EASA heeft op haar website een pagina met frequente vragen en antwoorden (frequently asked questions (FAQ)) beschikbaar gemaakt.

 

Contact

Alle communicatie betreffende NCC, waaronder aanvragen voor specifieke erkenningen, moet gericht worden tot ncc.ops@mobilit.fgov.be.