Tijdelijke toelating tot overvliegen (niet-ICAO)

Deze wordt afgeleverd aan toestellen die ingeschreven zijn in het buitenland en die niet beschikken over een standaard bewijs van luchtwaardigheid conform de bepalingen van Bijlage 8 van het Verdrag van Chicago. Ze wordt afgeleverd voor een periode van maximum één jaar en is beperkt tot maximaal 30 dagen per jaar.

Het aanvraagformulier, juist ingevuld en vergezeld van de nodige documenten, moet ten laatste 10 werkdagen vóór de eerste geplande vlucht ingediend worden.

Opmerkingen

De geldigheid van de toelating tot vliegen is verbonden aan de geldigheid van het document waardoor het luchtvaartuig tot het luchtverkeer werd toegelaten in het land van oorsprong. Vervalt de toelating tot vliegen in het land van oorsprong, dan vervalt de toelating ook in België.

Voor luchtvaartuigen met een tijdelijke toelating tot vliegen boven het Belgisch grondgebied is elke commerciële activiteit verboden.

Vanaf 1 juli 2017 zijn de volgende toestellen vrijgesteld van het bekomen van een tijdelijke toelating tot overvliegen:

  1. de amateur gebouwde luchtvaartuigen geregistreerd in een ECAC Lidstaat en die beschikken over een bewijs van luchtwaardigheid of een toelating tot vliegen uitgereikt door die Staat;
  2. de historische luchtvaartuigen geregistreerd in een ECAC Lidstaat die:
    • industrieel werden gebouwd, en
    • houder waren van een ICAO bewijs van luchtwaardigheid, en nadien overeenkomstig de nationale regelgeving met een beperkte toelating tot vliegen of beperkt bewijs van luchtwaardigheid werden gebruikt, en
    • niet-complexe luchtvaartuigen zijn, waarvan het oorspronkelijke ontwerp dateert van vóór 1 januari 1955 en waarvan de productie vóór 1 januari 1975 is stopgezet, en
    • een maximale opstijgmassa hebben welke 5700 kg niet overschrijdt, en
    • voor niet-commerciële vluchten worden gebruikt.

Deze luchtvaartuigen kunnen voor een maximale duur van 30 dagen per kalenderjaar worden gebruikt in het Belgische luchtruim.