Context

De Internationale Organisatie voor Burgerluchtvaart

Overeenkomstig het artikel 1 van het Verdrag inzake de Internationale Burgerluchtvaart van Chicago van 7 december 1947 dat de regels bevat van het publiek luchtvaartrecht, "heeft elke Staat de volledige en uitsluitende souvereiniteit over de luchtruimte boven zijn grondgebied". De door dit verdrag opgerichte ICAO biedt aan haar lidstaten de mogelijkheid om samen standardiseringsnormen op te stellen voor de internationale luchtvaart. De organisatie en het beheer van het luchtruim alsook de luchtvaartnavigatiediensten volgens deze normen en aanbevelingen (" Standards and Recommended Practices", SARP).

Eurocontrol

Om het beheer over het luchtruim te coördineren en een naadloos luchtruim te creëren, hebben verschillende Europese lidstaten, waaronder België, met de Conventie van 13 december 1960 de internationale organisatie Eurocontrol opgericht. Het is haar missie om de samenwerking te organiseren tussen de bevoegde nationale overheden en de luchtvaart  te beheren in het luchtruim:

  • van België;
  • van Luxemburg;
  • van Nederland;
  • van een deel van Duitsland.

Een nieuwe Conventie, waarvan de ratificatie nog steeds lopende is, werd ondertekend op 27 juni 1997.

Het Gemeenschappelijk Europees Luchtruim

Op het einde van de jaren 1990 ontwikkelt de EU (destijds Europese gemeenschap), omwille van de negatieve gevolgen door de vertragingen en de congestie van het luchtverkeer, een inititatief om het beheer van het Europees luchtruim in overeenstemming te brengen met zijn economische en politieke integratie. Dit inititatief heeft geleid tot de creatie van het "Gemeenschappelijk Europees Luchtruim" en tot de toenemende ontwikkeling van zijn reglementair kader vanaf 2001.

Het FABEC

In deze context hebben zes staten (G.H. Luxemburg, Nederland, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland en België) en hun verleners van luchtvaartnavigatiediensten het FABEC-project (Functional Airspace Block Europe Central) opgestart. De doelstelling is om een gemeenschappelijk luchtruimblok te vormen en er het luchtverkeer onafhankelijk van de nationale grenzen te organiseren. Na een studie- en vervolgens onderhandelingsfase werd het FABEC-verdrag op 2 december 2010 ondertekend om de performantie van de luchtvaartnavigatiediensten te verbeteren op het gebied van:

  • veiligheid;
  • impact op het milieu;
  • capaciteit;
  • kostendoeltreffendheid;
  • doeltreffendheid van de militaire missies.

Het Verdrag is op 1 juni 2013 in werking getreden. Daarvoor hebben de FABEC-staten op een voorlopige basis samengewerkt. In 2011 hebben zijn namelijk een gemeenschappelijk performantieplan ontwikkeld en goedgekeurd.

Het nationaal kader

Rekening houdend met de Europese en internationale normen, bevat het nationaal reglementair kader verbonden aan het lucthruim de volgende onderdelen:

  • activiteiten, statuut en financiering van de verleners van luchtvaartnavigatiediensten;
  • organisatie van het luchtruim en nationale luchtregels;
  • luchtvaartfrekwenties;
  • vliegprocedures;
  • beperkingen bij exploitatie van de luchthaven Brussel-Nationaal.